Wat nemen we mee (25-01-2015)

René Jansen - Beeldend Kunstenaar

Wat nemen we mee? – 25 januari 2015

 

Als je op vakantie gaat, moet je keuzes maken. Waar gaan we heen b.v. Voor ons is dat makkelijk, want we gaan altijd naar dezelfde plek: Vlieland. Dat is niet helemaal waar, maar voor het verhaal is het leuker als dat wel zo is. Wat nemen we mee. Harma kan erg goed kiezen; ze neemt het kleinste koffertje uit de kast, en pakt die binnen het kwartier vol met alleen het strikt noodzakelijke. Ritsje gaat moeiteloos dicht en klaar is ze. Bij mij gaat dat heel anders. Ik neem standaard eigenlijk altijd teveel mee. Niet eens altijd te veel kleren, maar vooral teveel bijzaken. Dingen waarvan ik zelf denk dat ik er niet zonder kan, maar vooral waarvan ik het prettig vind dat ik ze bij me heb. In ieder geval iets om te kunnen tekenen en schilderen, maar vaak ook nog een heleboel zooi daaromheen. Boeken nemen daarbij een bijzondere plaats in. Harma heeft sinds twee jaar een e reader: die weegt niks, is klein en je kunt er een middelgrote stadsbibliotheek in kwijt: ideaal. Bij mij gaat dat heel anders. Ik zit nog tot over m'n oren in het analoge tijdperk. Een belachelijke muziekcollectie die voornamelijk uit vinyl bestaat en ouderwetse boeken van gebonden papier met dikke kaften. Ik moet keuzes maken, want elk boek meer of minder is van invloed op het uiteindelijke gewicht van m'n bagage. Dit jaar pakte ik in een overmoedige bui de middelgrote koffer uit de kast. We gingen maar een weekje toch? Halverwege het inpakken zag ik de bui al hangen; dat past er nooit allemaal in. Dan toch maar weer de grote Samsonite. Na veel gedoe en toch ook nog weer dingen eruit gegooid, omdat het anders niet past, de koffer dicht. Nou is een Samsonite een oerdegelijke koffer, dus je kunt er gerust op zitten om hem goed te sluiten. Prima hang en sluitwerk ook. Enige nadeel is dat ie met wat ik allemaal meeneem uiteindelijk niet te tillen is.

Van alle boeken die ik bezit is er één die altijd meegaat. Dat is mijn bijbel. Niet "De Bijbel"; dat geloof ik wel. Nee het meest bekeken boek uit m'n collectie is "Wyeth at Kuerners".

Toen ik eind jaren zeventig aan de kunstacademie van Groningen studeerde viel de naam van Andrew Wyeth voor het eerst. 'k Geloof bij een les van Piet Pijn, maar 't zou ook best bij Matthijs Röling geweest kunnen zijn, 'k weet het niet meer precies en het doet er eigenlijk ook niet toe. Een voor mij toen nog volstrekt onbekende schilder uit de V.S. In de bibliotheek hadden ze één boek van hem: en wat voor een boek! Geïmporteerd uit Amerika, want hier in Europa was het niet te koop. Ik vond het adembenemend en het boeide mij bovenmatig; zo erg zelfs dat als er niet een ander was die het boek wilde lenen, ik het steeds weer verlengde. Die aanvragen waren er wel en ik stel me zo voor dat het boek afwisselend bij mij of bij Peter Durieux logeerde. Eenmaal afgestudeerd heb ik het boek nooit meer gezien. Toen m'n oudste zoon jaren later ook aan de kunstacademie van Groningen studeerde en een paar maanden op uitwisseling naar San Francisco ging om de Amerikaanse inzichten met betrekking tot kunst tot zich te nemen, kwam dat boek, dat me overigens nooit meer heeft losgelaten, weer bij me op. Het zou toch fantastisch zijn als hij daarvan in San Francisco nog ergens een tweedehandsje op de kop zou kunnen tikken. Nou zijn we een dag na elkaar jarig, ik op 3 mei, hij op 4. Zijn studieperiode in San Francisco viel precies in die maand, maar op 3 mei 2007 werd er 's ochtends een grote doos bezorgd. De afzender (hoe gek wil je het hebben?)was een antiquariaat in Lelystad. Maar vanaf dat moment was ik de trotse bezitter van het boek der boeken. Het boekomslag ontbrak, maar dat kon de pret niet drukken. Sindsdien sleep ik dat boek overal mee naartoe, ondanks z'n aanzienlijke gewicht.

Op de foto links mijn eigen exemplaar, rechts een van het internet geplukt plaatje van het boek met omslag.

.