58. Nieuw wandje met tekeningen (27 december 2018)

René Jansen - Beeldend Kunstenaar

Nieuw wandje met tekeningen.

 

Af en toe verhangen we onze kunst, of we maken een compleet nieuw wandje. In de loop der tijd hebben we een aardige collectie opgebouwd en inmiddels is het zoveel dat we al min of meer een ophang probleem hebben. Denk nou niet dat we toe zijn aan een privé museum om die enorme hoeveelheid kunst te kunnen herbergen; we zijn gewoon klein behuisd, dus met de kwantiteit valt het reuze mee. Om die reden hebben we dan ook kleine kunst. Klein van afmeting wel te verstaan, maar wel van in onze ogen grootse kunstenaars. Veelal zijn dat bevriende collega’s, waar je soms eens iets mee ruilt als er wederzijdse bewondering voor het werk is. Je moet dat dan wel zeker van elkaar weten, want anders kunnen er ook weer rare misverstanden ontstaan. Je zult zo’n ruil maar voorstellen aan iemand die jou werk drie keer ruk vind; dat gaat natuurlijk vreselijk ongemakkelijk worden. Enige voorzichtigheid is hier wel geboden, maar ‘k heb me gelukkig nog nooit vergist. Als we een kunstenaar niet zo goed kennen, maar het werk wel bijzonder mooi vinden, zijn we overigens ook niet te beroerd om iets te kopen. Iets wat we als de portemonnee het toelaat ook geregeld doen. Zo houden we elkaar weer een beetje de broek op en dat geeft ook een goed gevoel.

 

Op een feestje ter gelegenheid van m’n 60e verjaardag kreeg ik uit handen van Truus Durieux zomaar een prachtige tekening van Peter met dezelfde achternaam cadeau. Ik vond dat heel bijzonder, want zo goed kenden we elkaar toen eigenlijk nog niet. Peter kon zelf niet aanwezig zijn; zat natuurlijk van die mooie tekeningen in Frankrijk te maken. Mede doordat Peter afgelopen september mee ging naar ons jaarlijkse werkweekje bij Annemarie de Groot in de Bourgogne kennen we elkaar inmiddels een stuk beter.

 

Toen we kort geleden in het bezit kwamen van een tweede tekening van z’n hand dachten we dat het misschien leuk zou zijn om een wandje met tekeningen in te richten en ze niet her en der verspreid op te hangen. Aangevuld met een dubbele ets van Reinder Homan, waarop ganzen over een besneeuwd landschap vliegen. Ooit gekocht bij galerie Wildevuur omdat het leek alsof het achter ons huis was; kijkend over de akkers richting Kielsterachterweg waar in de winter ook geregeld ganzen overvliegen. Maar natuurlijk ook omdat Reinder een fantastische graficus is en zo’n schijnbaar eenvoudig tafereeltje boven de werkelijkheid weet uit te tillen.

 

Dat geldt ook voor Peters tekenwerk, waarvan Piet Sebens ooit zei dat ie niemand kende die zo kon tekenen als Peter. Ik kan dat alleen maar beamen. Als je dan een weekje met zo’n kunstenaar mag optrekken, ga je uiteraard een beetje lopen spieken. Kijken of je ergens de vinger op kan leggen. Of ie er toch niet stiekem een trucje op nahoudt. Kortom: iets van het mysterie ontrafelen. Maar ‘k kon hem op niets betrappen, waarvan ik dacht wauw, dus zo doe je dat! Hij deed ook nergens geheimzinnig over, domweg omdat er niks is om geheimzinnig over te doen. Hij tekent net als ieder ander, alleen dan veel beter. Of zoals Piet het omschreef: “een gewoon potlood wordt in de hand van Peter een uitzonderlijk tekeninstrument”. En Peter neemt de tijd. Waar anderen met lange halen en veel geveeg snel thuis zijn, neemt Peter de tijd om te komen tot wat hem voor ogen staat. Wat hij maakt zijn dan ook geen schetsen of voorstudies, maar tekeningen. En hoewel menig tekening ook dient als uitgangspunt voor een schilderij, is de tekening een op zichzelf staand onderdeel van Peters oeuvre.

 

Bij het samenstellen van zo’n wandje let je ook een beetje op hoe je het ophangt, dat het wel een mooi geheel wordt zeg maar. Uiteindelijk hadden we een lege plek, maar er geen geschikt werkje voor. Nou ben ik niet zo snel geneigd om er dan maar iets van mezelf bij te hangen; zeker met deze twee zwaargewichten naast me, was ik daar ook extra huiverig voor. Maar ik kreeg kortgeleden werk terug van m’n tentoonstelling bij galerie Bonnard in Nuenen. Daar zat ook een tekening van Jessica in een winterjas bij. Van de tientallen tekeningen die ik van haar heb gemaakt, beschouw ik deze en ik zeg het niet gauw van m’n eigen werk, als één van m’n allermooiste. Ik ga hem ook niet meer verkopen. Hij heeft bij Wildevuur gehangen en bij Bonnard en er was niemand die hem wilde hebben. Of ie op deze plek blijft hangen is nog even de vraag. Ik kijk al de hele dag in het atelier tegen m’n eigen werk aan en dan wil een mens thuis wel eens iets anders. Een tekening van Charles Donker of Hilda Snoeijer zou t.z.t mooi zijn. Ze staan op het verlanglijstje; al een tijdje.